The Magic Life
8 maart 2009
Bleau 21 februari - 7 maart 2009
Op het moment dat we Frankrijk binnenrijden, krijg ik een sms van Jesse, die de hele week in Bleau is geweest. Het is de afgelopen week voornamelijk bewolkt en vochtig geweest. Hopelijk wordt het aankomende week beter!
Als ik zaterdagochtend uit het raam kijk is het zwaar bewolkt. Het heeft echter niet geregend, dus waarschijnlijk kan er wel geboulderd worden, al zal het wat vochtig zijn. Het plan is om verder te gaan werken in Satan I Helvete. Op weg naar Coquibus komen we langs Rocher Cailleau, waar Jesse net het bos inloopt. Dat is ook toevallig! Ik ben benieuwd wat hij van plan is, en keer even om. Onder het blok van Vandale ontmoeten we elkaar, en Jesse wilt in z’n laatste uurtjes Bleau nog Contre Sens afmaken. Ik besluit om even mee te doen. Ik heb de boulder één keer eerder geprobeerd, na het zien van een filmpje van Oliver Lebreton, maar toen lukte me de laatste passen niet. Jesse heeft een andere oplossing gevonden, en na een paar keer proberen lukt mij dit ook. Het blok en de grepen zijn echter klam, dus als het vandaag gaat gebeuren, dan moet het binnen enkele pogingen lukken. M’n eerste poging gaat goed! Ik maak de verre pas om de kant, maak van m’n hak een teen, en tik met links twee keer door, naar de verlossende greep! Hebbes! Links bijpakken en opwerken... AAHHH! Ik krijg ’t niet meer voor elkaar... Wat een lange boulder... Jesse heeft ook nog een goede poging, maar daarna gaat het bij ons beide bergafwaarts. Ik werk het einde nog een paar keer goed uit, en doe nog een laatste poging. Halverwege knal ik echter hard van de vochtige grepen, op m’n rug... Contre Sens is klaar voor vandaag... Jesse gaat naar huis, ik door naar Satan I Helvete. M’n pogingen gaan ’t zelfde als twee weken geleden. Ik zet aan, rechts-rechts, en ga met links ver door. Ik durf echter niet vol te gaan. Met m’n vingers zit ik op de linkergreep, maar vasthouden lijkt onmogelijk. Even probeer ik nog de Dave Graham methode (met rechts hoog, op de begingreep staan) maar dat gaat ‘m ook niet worden. Misschien is de boulder toch wat te hoog gegrepen voor nu, maar van de andere kant kan iets hards proberen nooit kwaad... De wolken zijn inmiddels iets opengetrokken, en de zon is een beetje gaan schijnen. Ik bedenk me dat ik misschien nog even terug kan naar Contre Sens, op het eind van de dag. In Coquibus wil ik vandaag alleen nog La Nuit proberen, een boulder die ik in 2004 niet kon, en sindsdien nooit meer geprobeerd heb. Nu lukt het gelukkig binnen enkele pogingen! Toch viel ’t niet mee, en ben het ook niet helemaal eens met de recente afwaarderingen van deze boulder.
Terug naar Contre Sens... De grepen zijn nog steeds vochtig, en ik heb één redelijk poging, waarin ik tot de verre pas met rechts kom. Ik ben moe, en m’n huid voelt al dun en gevoelig aan... Om de dag te besluiten werk ik het einde nog uit, wat ik die middag ook al drie keer had gedaan. Nu lukt het echter niet meer, en glijd/zip ik tot twee keer toe van de grepen... frustrerend... Hopelijk lukt het morgen snel!
De condities op zondag zijn niet veel beter dan zaterdag; zwaar bewolkt, geen wind, dus klamme rots. Ook Contre Sens is vochtig. Na m’n opwarmsessie doe ik één poging, maar het voelt kansloos. Ik werk het einde nog een paar keer uit, en ga voor plan B voor vandaag: Cul de Chien. In het dak zitten nog drie boulders die ik graag zou willen doen: l’Oeil de la Sybille, L’ame de Fond en Total Eclipse. Ook The Maxx zou ik wel willen doen, maar die staat wat lager op de prioriteitenlijst. De toe-hook in l’Oeil de la Sybille vind ik altijd lastig en is me slechts één keer los gelukt, dus voor vandaag staan de lage starten van Nouvelle Vague en Eclipse op het programma. Als eerste wil ik L’ame de Fond doen, omdat als ik de beginpas maak, ik daar de meeste kans in heb. Met m’n nieuwe Jet7’s probeer ik de cruciale toe-hook. Waar met de Velcro’s m’n teen er altijd uitschiet als ik bij wil pakken, blijft m’n voet nu, tot m’n grote verbazing, goed zitten! Topschoenen! Ik start m’n pogingen, en het duurt even voordat ik de lastige beginpassen weer kan maken. De eerste keer dat ik er doorheen kom, klim ik tot ver in Nouvelle Vague, en strand ik, totaal vermoeid, op de eindpas... De pogingen daarna gaan redelijk, maar ik kom steeds net niet door de beginpas... Na een korte pauze, en het eind van de boulder nog een keer gecheckt te hebben, kom ik weer door de beginpas. De slopers op het einde voelen redelijk, en ik ben net wat minder vermoeid dan in de eerste keer. Het einde is nog een gevecht, maar gelukkig lukt het nu wél! Ik besluit een half uur te rusten, en daarna in Total Ecplise te gaan werken. De beginpas lukt me nog een paar keer, en in m’n beste poging kom ik met m’n linkerhand hoog in de spleet. Helaas glijdt m’n voet weg... Ondanks dat het niet lukte ben ik erg tevreden met deze sessie, en ik ben vastbesloten de boulder zo snel mogelijk, in betere condities, af te maken!
’s Avonds ga ik langs bij de brulapen uit Eindhoven, die in een gite in st. Martin en Biere zitten. Ties en Marijn hebben vandaag Hotline gedaan, en Ties had gister ook nog de Super Prestat gedaan! Lekker bezig dus! Met ongeveer tien man spelen we het maffia-spel, wat nieuw was voor mij, maar erg leuk blijkt te zijn! Als ik rond middernacht terugrijd, schrik ik me helemaal kapot van een overstekend zwijn, en moet ik VOL in de remmen om een aanrijding te voorkomen...Dat scheelde echt maar een meter...
Maandagochtend regent het... Felix, Rosa en Celine komen langs, vanuit Parijs, en zijn brak van het Parijse nachtleven... De dag begint lam, maar halverwege de middag stopt het met regenen. Marijn smst dat zij bij Cul de Chien willen gaan kijken. Ik besluit een rustdag te nemen, maar even het bos in is altijd fijn. De blokken zijn klam, maar er kan geklommen worden. Ties weet op ‘gracieuze’ wijze Arabesque te klimmen, en in dezelfde stijl doet Michiel Le Toit de Cul de Chien. In de schermering lopen we terug naar de auto...
De dinsdag ziet er niet veel beter uit. Het is wederom zwaar bewolkt, en het ziet er vochtig uit. Het lichte briesje wat waait geeft me toch hoop voor droge blokken. Vandaag wil ik Contre Sens afmaken! Op het moment dat we willen vertrekken belt Ties met de mededeling dat Cuvier zeiknat is. Eigenwijs als ik ben, rijden we toch naar Contre Sens. De boulder is klam, en het einde nat... Helaas... Een beetje besluitenloos rijden we richting Cuvier, maar onderweg meldt Ties dat Apremont enigzins droog is. Op naar Apremont dus! Het is echt lang geleden dat ik daar voor ’t laatst geweest ben... Als we aankomen doen Wouter, Michiel, Ties en Jaap pogingen in Medaille en Chocolat, de enige echt droge boulder op dat moment. Later die middag droogt ook Onde de Choc, en zelfs Felix trekt daar z’n schoenen voor aan! Het is gezellig druk op het pleintje, en bij mij begint het toch ook wel te kriebelen, alhoewel ik niet goed weet wat ik wil klimmen. Veel keus heb ik echter niet, dus ik herhaal Onde de Choc, werk me vervolgens omhoog in een 6c+ daar links van, en weet als laatste boulder van de dag nog een klein projectje af te maken: Jeu de Marc, een krachtige 7b+. Toch altijd fijn, een succeservaring! Het geeft me weer wat extra motivatie voor morgen! Ondanks het slechte weer was de dag geslaagd: relatief droge rotsen, fijne mensen, mooie boulders, en een hoop geouwehoer...
's Avonds speel ik een revanche-pot schaak tegen Felix, maar word weer afgemaakt. Toch een mooi spel, dat ik veel te weinig speel... We chillen nog wat, en het is ver na middernacht als ik in slaap val...
Na een relatief korte nacht word ik wakker door het felle licht in m’n kamer... De zon! Yes! Ik ben meteen wakker. Snel een douche, ontbijten en gaan! Felix, Rosa en Celine zorgen echter voor wat oponthoud, omdat de spullen ingepakt moeten worden. Ze gaan weer terug naar Paris. Rond half twaalf sta ik onder Contre Sens, en het ziet er goed uit! Na een korte opwarming doe ik een poging. Het begin loopt soepel. De lastigste passen zitten echter op het eind: met rechts ver door, hak omzwaaien, en hard afblokken naar een redelijk vertikaal randje. Vervolgens opstaan, en met een intermediar door naar een greep net onder de rand. Met rechts een randje bijpakken, en opwerken naar de rand. M’n poging strand op de verre afblokpas. Ik heb het randje net niet lekker, en dat kost veel huid... De volgende poging moet goed gaan, want ook de begingreep graaft hard in de zijkant van m’n wijsvinger. Na vijf minuten ga ik weer zitten, zet m’n voeten op de treden, pof nog een keer extra en ga! Ik voel de begingreep de huid van m’n wijsvinger schrapen, maar daar heb ik tijdens de rest van de boulder gelukkig geen last van. De crux gaat moeizaam, ik heb het randje niet optimaal, maar pak ‘m vol arqué om er toch wat mee te kunnen. Dat pakt goed uit. De laatste pas naar de rand kost me nog de grootste moeite, maar hij is binnen!
.jpg)
Contre Sens: De pas voor de crux... Hak omzwaaien, en met rechts nog een keer door...
Next project: Imothep! De boulder ligt vol in de zon, maar de rots is nog koel. De eerste pogingen gaan moeizaam, en ik moet weer wennen aan de lenigheid die nodig is voor deze boulder. Ook positioneer ik m’n lichaam in de eerste pogingen nog niet optimaal, waardoor het allemaal wat zwaarder aanvoelt dan anderhalve week geleden. Langzaam maar zeker begin ik weer op te rekken, en voel ik de boulder weer beter aan. Al snel zit ik om ik weer net zo hoog als in als de vorige sessie. Het bijpakken wil nu echter nu ook weer niet lukken. Ik verzin verschillende methodes, maar niks blijkt te werken. Wel gaan de passen steeds makkelijker, ondanks dat ze veel energie kosten. Een lange pauze leidt misschien tot nieuwe inzichten, dus ik besluit minimaal een half uur te gaan chillen. In die tijd voel ik echter de spierpijn, die deze boulder helaas ook met zich meebrengt, al opkomen. Wel verzin ik een methode die wellicht uitkomst zou kunnen bieden, maar kan ‘m helaas niet meer uitvoeren, doordat ik te moe ben... Ondanks de weinige progressie heb ik genoten van deze sessie; wat een topboulder!
’s Avonds begint de spierpijn pas echt op te komen. M’n linker biceps en borstspieren doen pijn, en ook m’n rechterpols voelt niet helemaal lekker. De volgende dag lijkt het iets minder te zijn, maar als ik onder Total Eclipse sta voelt m’n lichaam moe aan, en voel ik toch de spierpijn. Ik kan me niet echt motiveren om te beginnen, dus blijf een beetje heen en weer lopen, en de boulder bekijken. Door m’n brakke linkerarm krijg ik m’n hoofd ook niet echt in de klimmodus, iets wat wel essentieel is bij het projecten in boulders op je max. Ik doe een laffe opwarmpoging door nouvelle vague tot de helft te klimmen en door een beetje te spelen in Eclipse, maar eigenlijk had ik voordat ik m’n schoenen aantrok al besloten dat ’t niks ging worden. Ik moest het alleen nog even voelen... Hopelijk voel ik me morgen beter!
Op internet kwam ik laatst de boulder Futebol tegen. Ik vond de boulder niet terug in de topo, maar op internet wordt hij wel bekroond met bijna vijf sterren! Met behulp van de topo was de boulder makkelijk te localiseren, dus rond het middaguur zit ik, met wat minder spierpijn maar met wel nog een gare pols, in de auto op weg naar Franchard Raymond. Veel boulders zitten er niet, maar ik ben er al twee keer eerder geweest. Eén keer om de boulder Sacrifice te bekijken, en één keer om ‘m te doen. Nu dus naar Futebol. Op de parkeerplaats staat een auto, van een klimmer zo te zien. Ga je naar een klein, onbekend gebied, met weinig boulders, zul je zien dat anderen precies dezelfde plannen hebben. De kans is groot dat deze mensen ook voor Futebol komen, aangezien ik verwacht dat het verreweg de mooiste boulder van het gebied zal zijn. Vanaf het pad is de boulder al zichtbaar, en onder de boulder ontmoet ik Thierry Guéguen, die inderdaad het zelfde plan had als ik. Na een opwarmsessie stap ik in. Op internet had ik de methode al gezien, een toehook links zorgt ervoor dat je mooi in de aflopende rand blijft hangen. Dat lukt me ook vrij makkelijk! In m’n eerste poging klim ik de boulder al! Volgens mij is dit m’n eerste 7b+ flash, alhoewel het wel iets makkelijker aanvoelde... De vijf sterren zijn wel volkomen op z’n plaats! Thierry is geblesseerd en probeert ook de staande start. Tussen zijn pogingen door werk ik in de zitstart, die 7c+ schijnt te zijn. Na enkele pogingen lukt dat ook. Iets minder mooi als de staande start, en ook een plusje te veel, maar altijd fijn om iets snel af te maken!
.jpg)
De vijf-sterrenboulder Futebol...
Het volgende plan is om verder te werken in De la Terre à la Lune, een 7c+ in Gorge du Houx, waarin ik jaren geleden wel eens gewerkt heb. De wandeling naar het gebied is altijd weer verder dan dat ik in m’n hoofd heb, dus bezweet kom ik aan bij het blok, dat vol in de zon ligt. M’n pogingen gaan redelijk, maar ik strand op dezelfde plaats als een paar jaar geleden. Met links pak ik een nauwelijks vast te houden aplatje, en zit dan volledig vast. Na een lunch, en een iets gunstigere zonnestand, waardoor de boulder niet meer vol in de zon ligt, lukt me het wel om te bewegen aan het aplatje, maar ik de pas naar boven lukt me nog niet... Als ik thuiskom, en op internet kijk, zie ik de oplossing... Rechts zit nog een randje, waardoor je niet zo ver omhoog, maar meer naar rechts moet bewegen aan het aplatje. Vervolgens ga je met links omhoog, in plaats van met rechts... Dat maakt het wellicht wat makkelijker, dus ik moet nog een keer terug...
Vrijdagavond komen Marijn en Ties weer terug, dit keer voor twee dagen. Ties heeft met Bart en Dennis, die er ook een weekendje zijn, afgesproken om te gaan werken in Duel. De zon schijnt zaterdag vol, de lucht is strakblauw, en rond het middaguur staan we in Cuisinière. Na een opwarmsessie in het hoofdgebied lopen we naar Duel, waar Bart en Dennis net zijn begonnen. De instap valt mee, maar snel daarna wordt het moeilijk... kleine nagelrandjes, die Ties letterlijk op z’n nagels pakt, maar daarmee wel als enige hoger dan de rest komt. Ook Dennis weet de pas op de nagelrandjes één keer te maken, maar loopt daarna, net als Ties vast... In de middag willen de mannen gaan werken in Miséricorde, en ben ik in voor een paar pogingen in Karma; DE boulder van Bleau. Ik vind het altijd leuk om ‘m te proberen, alhoewel het af en toe mentaal zwaar is. Progressie is in deze boulder bijna niet meetbaar, omdat het maar drie passen zijn, die los niet uit te werken zijn. De enige maatstaf die je hebt voor progressie is hoe het voor jezelf voelde. De bewegingen moeten perfect uitgevoerd worden: in een keer precíes op ’t randje aankomen, perfect pakken, hak leggen en doortrekken... Je moet de boulder goed ‘aanvoelen’, en de ene keer voelt dat beter dan andere keren. Ondanks dat ik dus objectief gezien niet verder kwam dan andere keren, voelde de sessie vandaag goed. In bijna al ‘m pogingen zat ik op ’t randje, maar had het nèt niet perfect beet, waardoor ik, als ik een hak wilde leggen, weggleed...
.jpg)
Karma, DE boulder... M'n hand glijdt weg bij het leggen van de hak...
Na de Misericorde/Karma sessie willen Dennis en Bart naar Futebol, die ik toevallig die dag ervoor had gedaan. Met z’n allen gaan we erheen, en klimmen door tot het donker wordt. De discussie of Futebol al dan niet een ‘dikke ster’ moet krijgen begint die middag, en wordt voortgezet onder het eten bij ons thuis... Terecht een dikke ster zeg ik... De volgende dag spreken we af in Béorlots, waar we I Comme Irun willen doen.
I Comme Irun is een imposant, alleenstaand blok, en de wandeling er naartoe is ongeveer 2.5 kilometer... Beladen met pads sjouwen we naar de boulder... Hij moet vandaag lukken, want zo’n tocht onderneem je niet snel nog een keer! Vandaag was echter al m’n vierde keer bij de boulder, waarvan ik van de eerste drie keer de boulder één keer heb kunnen proberen... Als we aankomen smst Bart dat hij er al is, maar alvast wat nieuwe boulders in de buurt is gaan uitchecken. Wel vreemd, want we hebben z’n auto niet gezien. Na een half uur komt Dennis aanlopen, en vertelt ons doodleuk dat ze de auto op een andere parking hebben staan, die slechts vijf minuten lopen is... Hmmm... Dat maakt de boulder ineens ook wat toegankelijker... Toch wil ik ‘m vandaag afmaken, en gelukkig lukt het snel! Ook Bart klimt de boulder snel, en Marijn komt erg dichtbij! Na I Comme Irun gaan we nog even bij de nieuwe boulders kijken, maar ik kan me niet echt meer motiveren. Alleen Bart weet nog gemotiveerd door te klimmen, en doet na wat werk Mickey Mousse, een nieuwe 7b.
.jpg)
Concentratie voor de cruxpas in I Comme Irun...
Hoe één week Bleau er twee werden...
Rond een uur of vier vetrekt iedereen weer richting Nederland. Omdat ik de aankomende week slechts één college heb, en één opdracht hoef in te leveren heb ik besloten nog een week te blijven.
’s Avonds maak ik de balans van afgelopen week op: ik heb redelijk wat harde boulders kunnen doen, en in projecten gehangen. Toch heb ik de boulders die ik het allerliefst zou willen doen niet (veel) geprobeerd of gedaan, zoals Big Golden (niet geprobeerd), Imothep (geprobeerd, maar misschien niet hard genoeg?) Karma (geprobeerd, maar misschien te laat in de week waardoor ik al te vermoeid was?). Ik probeer plannen te maken voor aankomende week. Van Imothep heb ik zoveel spierpijn gekregen, dat ik die misschien moet bewaren voor het eind van de week, en als ik een spotter kan vinden. Karma zou ik nog wel willen proberen, maar van een week klimmen herstel je niet echt als door blijft klimmen...Big Golden is ook nog het proberen waard, één keer maximaal trekken moet kunnen... Ik heb het idee dat ik Total Eclipse wel af kan maken... Big Dragon zou ik nog wel willen proberen... De la Terre à la Lune wil ik graag afmaken... Toit du Gréau zou ik weleens willen aanvoelen... pfffff, er moeten keuzes gemaakt worden. Voor morgen weet ik het ook nog niet...
Later die avond spreek ik Romain Hocquemiller op ‘Facebook’. Via Facebook had ik contact met hem, en het leek ons leuk om een keer samen ergens in te werken. Vorige week ging een afspraak mis, doordat Nederlandse en Franse telefoons schijbaar niet soepel over en weer smsen... Romain wil morgen Narcotic proberen, en vraagt of ik mee kom doen.
De volgende dag sta ik om elf uur onder Narcotic, en daar ontmoet ik Romain en Gérald Coste. Even later komt ook Pascal Gagneux de helling opgelopen. Om op te warmen klimmen we een paar keer het einde van Opium. Na twee keer gaat Romain zitten, en doet een goede poging in Opium. Ik wil wat beter opwarmen, en besluit de beginpassen van Opium te doen, omdat het lange passen tussen bakken zijn. Het begin voelde echter zo makkelijk aan dat ik maar doorklom. Ik vang de zwaai op, en herhaal daarmee, nauwelijks opgewarmd, Opium. Dat voelde als 7b! Dat beloofd wat voor de rest van de dag! Het werken in Narcotic gaat goed, en een uur later heb ik alle passen gemaakt. Romain weet, tussen het werk in Narcotic, Opium af te maken. Ik start met pogingen in Narcotic. In twee delen kan ik de boulder klimmen, maar krijg in m’n pogingen de pas naar de rand steeds net niet gedaan... Wat een fysieke boulder! Pascal en Romain werken ook nog in Mécanique Élémentaire, die volgens Pascal ‘slechts’ 8b is... Ik blijf me richten op Narcotic, maar strand in al m’n pogingen op de pas naar de rand... Het einde werk ik nog twee keer uit, en langzaam komt er een eind aan de sessie in Recloses... Ik ben tevreden met het werk in Narcotic, en weet zeker dat ik ‘m moet kunnen!
Op het middagprogramma staat L’Apparemment. Afgelopen week had ik de boulder toevallig al een keer bekeken en een beetje aangevoeld. Leuk om met drie sterke mannen eens terug te gaan! Gérald vertelt onderweg dat er een nieuwe methode voor de boulder bestaat. Als ik aan L’Apparemment denk, denk ik aan toe-hooks, maar die zijn schijnbaar niet meer nodig. De boulder wordt tegenwoordig geklommen met de rechterhand op de kant waar normaal de toe-hooks geleged worden... Wel jammer... Ik begin m’n pogingen met de ouderwetse toe-hook methode, en beetje bij beetje weet ik ze beter te leggen, en boek ik progressie. Ook Gérald en Pascal proberen het via de toe-hook methode, en Pascal weet na een uur werk de boulder bijna te klimmen, maar valt er op het eind nog uit. Ik krijg de verre greep voor rechts steeds nèt niet te pakken... Romain houdt niet zo van toe-hooks, en probeert de nieuwe methode. Hij maakt uiteindelijk alle passen, maar doet de boulder ook niet... Rond half vijf ben ik zo kapot dat ik besluit te stoppen. De locals houden het nog een half uur langer vol, maar zijn dan ook klaar. Ik ben kapot, en heb het gevoel alsof ik aan de Axis boulder-experience heb meegedaan, zo gaar ben ik... Al met al ben ik tevreden, en het was een fijne dag, waarin ik niet alleen hard geboulderd heb, maar ook nog m’n Frans goed heb geoefend!
De volgende ochtend doe ik het rustig aan, ondanks dat de zon schijnt. Ik fiets met m’n iPod op naar de bakker, en geniet van het in Frankrijk zijn. Onder het ontbijt lees ik de weblog van Tyler Landman. Hij heeft Bleau bijna af... Gelukkig ben ik nog niet zo ver! Na het middaguur rijd ik naar Cul de Chien. Ik wil Total Eclipse afmaken. Met drie crashpads zeul ik naar het dak. Er is niemand, dus ik heb het blok voor me alleen, en heb de drie pads niet voor niks meegenomen! Ik begin met opwarmen in wat blauwe en rode boulders, maar vind het vandaag moeilijk om me voor te bereiden op een zware boulder. M’n geest wil wel, maar m’n lichaam voelt vermoeid, waardoor ik niet in de juiste mood kan komen om er vol voor te gaan. Ik warm daarom voor mijn doen wat langer op, waardoor m’n lichaam wat soepeler wordt. Na een half uur begin ik met pogingen. De eerste paar keer lukt de beginpas niet, maar na een paar pogingen lukt het wel weer. Het gaat een aantal keer mis bij het bijpakken van de bak, maar in één van m’n eerste pogingen waarin ik daar ook voorbij kom, strand ik op de laatste pas! Ik sla vijf centimeter onder de eindbak! Godver!! Daar wordt ik zenuwachtig van... Ik weet dat ik ‘m af kan maken vandaag... Ik bedenk me achteraf dat ik m’n voet niet goed genoeg laag in de spleet heb gezet, iets wat essentieel bleek toen ik de staande start in oktober klom. In m’n volgende poging krijg ik m’n voet laag in de spleet, en zet ik vol aan... Helaas staat m’n voet niet perfect, en lukt het nu ook niet... Ik neem een korte pauze, eet wat, en doe daarna nog wat pogingen. Weer strand ik een paar keer in de laatste passen... Ik voel me elke poging vermoeider worden... Gister heeft er echt ingehakt... Misschien moet ik iets langer gaan chillen, om ook de lichte zenuwen kwijt te raken. Ik ga op m’n pads in de zon liggen, en voel de warmte, maar ook m’n armen beginnen steeds gevoeliger te worden... Ik wordt wel helemaal ontspannen, en na een kwartier trek ik m’n schoenen weer aan. De eerste passen lukken me echter niet niet meer... De kracht is op...
Op naar plan B voor vandaag: Kendo, een krachtig, klein bouldertje, die ik jaren geleden een keer geprobeerd heb. Hopelijk heb ik daar nog wel genoeg kracht voor over. Ik loop naar Mont Pivot, en pauzeer bij Pancras voor een broodje, terwijl ik van het uitzicht geniet. De wolken zijn dreigend, in combinatie met blauwe stukken lucht, en een zon die zijn best doet. Om half vier loop ik door naar Kendo. Ik werk het einde uit, om er zeker van de zijn dat ik daar niet meer val, en begin vervolgens aan de vier harde passen. Je vertrekt vanuit twee zijgrepen. Met rechts pak je een randje, vervolgens kom je met links in slechte ondergreep, en tik je op spanning door naar een sloper. Dan volgt er een sprongetje naar een goede bol, en klim je uit. In m’m eerste poging kom ik in de ondergreep. Enkele pogingen later tik ik op de sloper. Nog een paar pogingen later heb ik de sloper, maar als ik door wil springen zipt m’n hand uit de ondergreep... De poging daarna is het raak! Een paar jaar geleden zouden Jesse en ik een dag als deze een ‘balansdag’ genoemd hebben: In je hoofd druk bezig zijn met projecten, maar tussendoor ‘effe een 7ctje wegdrukken'...
Het is vier uur, en aangezien er voor morgen regen voorspeld is, wil ik nog ergens heen. Ik blader door de topo, en besluit om naar Boigneville te rijden; een relatief nieuw gebied, waar op internet in ieder geval mooie foto’s van te zien zijn. Het gebied vinden is nog niet zo makkelijk, en na drie kwartier door het dorpje Boigneville gereden te hebben, sta ik pas om kwart over vijf onder de blokken. Er liggen niet veel blokken, maar de blokken die er liggen zien er geniaal uit! Qua structuur lijken ze erg op de blokken in Paradis, maar alles is perfect schoongemaakt, dus er zit veel minder mos op. Als eerste loop ik tegen een prow aan, die in de topo als project staat aangegeven (na een check op internet heb ik het vermoeden dat dit Intensité 15/12 is). Wat een lijn! Een vergelijking met Partage durf ik niet snel te maken, maar dit komt erg in de buurt! Snel vind ik alle boulders die in de topo staan (er blijken er nog veel meer te zitten, dus moet nog een keer terug), en wil Taratata klimmen, een 7a door een crack. De zon staat inmiddels laag, en het blok staat in de volle avondzon, wat zorgt voor een aparte sfeer. De boulder lukt snel, en is echt een beauty! Ik geniet van de boulder, en de omgeving, in combinatie met het mooie licht, en klim de boulder nog een keer. Dit zijn momenten waarvan ik kan genieten, en die me net zo gelukkig maken als het doen van Total Eclipse...Bij thuiskomst kom ik de buurman tegen: ‘Bonjour, ça va?’ ‘Oui, ça va...’ ‘Tu as grimpé?’ ‘Oui!’ ‘C’était bon?’ ‘Oui, c’était très bon aujourd’hui!’ ‘Haha, c’est toujours bon hè!?’ En zo is het...
Als ik de volgende ochtend wakker word, blijkt het inderdaad te regenen. M’n vel is dun, en m’n spieren zijn gevoelig, dus zo erg vind ik het niet, een gedwongen rustdag. Ik studeer wat, maar kan me er niet echt toe zetten. Rond drie uur rijd ik naar Rocher Gréau. Door de verhalen van Romain ben ik nieuwsgierig geworden naar de hoge kant ‘Accelerator’. Rocher Gréau blijkt veel groter dan ik dacht, dus met een half oog kijk ik ook naar potentiele nieuwe lijnen. Ik zou graag een keer iets moois willen openen! Van ver zie ik Accelerator al liggen, en als ik er voor sta moet ik gewoon lachen! Zo absurd hoog, en ook nog een slechte afsprong... Wel gaaf als je dat zonder touw doet! Na een grondige inspectie van de lijn struin ik verder door het bos, en na een half uur kom ik het blok tegen waarnaar ik opzoek was! Welliswaar nog compleet onder het mos, maar zelfs met mos ziet het blok er mooi uit! Dit wil ik openen! Helaas heb ik nog maar twee klimdagen te gaan, dus weet nog niet wanneer er gepoetst gaat worden. Ik bekijk het blok van alle kanten, en stel me voor hoe het moet voelen om er in te hangen. Na een kwartier begint het het echter zo hard te regenen, dat ik terug moet rennen naar de auto...
’s Avonds kijk ik het weer, en het beloofd een redelijke dag te worden de volgende dag. Ik bereid me mentaal voor op Total Eclipse, en kan daardoor niet goed in slaap komen... De volgende ochtend is het zwaar bewolkt en windstil... Toch heb ik hoop. Als ik rond twaalf uur in de auto zit, zie ik spettertjes op de voorruit... Ik besluit om toch maar door te rijden. Zonder pads, maar met m’n tas loop ik naar Sabots, om de rotsen te checken: licht vochtig... Toch maar door naar Cul de Chien, ik wil het dak met m’n eigen ogen zien! Alle uitklimmen zijn nat, behalve Eclipse... Ik voel de grepen, maar voel niks speciaals. Ik pof m’n handen, en voel de grepen nogmaals: redelijk... Toch weet ik het niet zeker... Ik kan niet meer objectief naar het blok kijken. Omdat ik het zó graag wil klimmen, wil ik gewoon dat het droog is. Voelt het daarom droog? Ik weet het niet... Pads halen? Nog eens de grepen voelen.... Nee, toch maar niet vandaag... Of toch wel? Gelukkig komen er twee Engelsen aanlopen; objectieve blikken! Maar ook zij twijfelen. Ze vinden het niet heel goed aanvoelen... Ik weet in ieder geval zeker dat het niet prefect is vandaag, dus besluit het nog een dag uit te stellen. Terwijl ik terugloop naar de auto bedenk ik wat ik kan doen: makkelijke boulders klimmen, of nog een rustdag, en er morgen vol voor gaan. Ik besluit het tweede te doen, maar bedenk me wel dat ik daardoor tijd heb om het blok dat ik gister vond schoon te maken! Thuisgekomen verruil ik de drie pads voor een ladder, een hoop borstels, bezems en doeken, en liters water. Het schoonmaken kost me anderhalf uur, en gelukkig kan ik overal net bij. Ook kan ik wat greepjes voelen vanaf de ladder... Ik ben benieuwd... Ik wil het in ieder geval snel proberen, en hoop dat niemand me voor gaat zijn!
Vrijdag... M’n laatste volle klimdag, en perfect weer! Strak blauw! Al om half tien zit ik in de auto, op weg naar Total Eclipse. Onderweg haal ik een baguette bij de bakker in Ury. Bij het verlaten van de winkel roept de bakker me nog een ‘bon journee’ na. Dat gaat wel lukken! Om kwart over tien loop ik, zonder iemand in m’n wijde omgeving, over de zandvlakte naar Cul de Chien. Ik warm weer op in wat blauwe en rode boulders, en twintig minuten later sta ik onder het dak. De zon doet goed z’n best, en het Eclipse ligt vol in de zon... Toch voelt de rost nog koel. In m’m eerste poging kom ik niet door de beginpas heen, maar in de tweede poging lukt dat al wel. Ik pak de bak bij, verplaats m’n voeten, pak het randje op de schouder, ernaast bij, ompakken en met rechts over de rand... M’n linker hand maakt ruimte voor de toe-hook, en gaat vervolgens naar de spleet... Ik tik twee keer op, en heb de juiste greep. Voet omzwaaien.... NEEE!! Ik krijg m’n voet niet in één keer goed op de tree, en hij schiet erlangs... Ok, dit was een redelijke tweede poging! Ik voel me sterk vandaag, dus zometeen gaat het lukken! De volgende poging strand ik op de randjes. Als ik m’n linkerhand wil omdraaien, om vervolgens door te pakken over de rand, glijdt m’n rechterhand weg. Hmmm... Brushen, en nog een keer... Weer op de randjes!! Wat is dit?? Hier val ik nooit! Het randje voor rechts (de slechtste) voelt heel glad aan. De grepen zijn zwart van het rubber van de toe-hooks, en ik kan er geen grip op krijgen... Ik doe nog een paar pogingen, en probeer zelfs de Graham-rust (toehook in de bak, en poffen), maar het helpt niet. Ik krijg de randjes niet meer omgepakt... Zelfs als ik Eclipse los probeer kom ik niet meer bij de greep over de rand... Bizar... Ik voel me zo sterk, heb twee rustdagen gehad, en dan houdt het hier op... Een beetje geïrriteerd verplaats ik m’n pads naar rechts, zoals wel vaker is gebeurd afgelopen twee weken, en zelfs de afgelopen jaren... Even de toe-hook in L’Oeil de la Sybille aanvoelen. Jesse roept al jaren dat het een kwestie is van ‘je voet er schuin insteken’. Jaja, dat probeer ik dus al jaren, zonder resultaat... Toch vind ik, ook uit lichte frustratie door Total Eclipse, dat het vandaag moet gebeuren... Een ‘balansbouldertje’ om de deceptie goed te maken... Een paar keer vrot ik m’n voet in ’t gat, maar steeds val ik er weer uit... Na tien minuten vrotten heb ik de oplossing: je voet er schuin insteken!! Ik probeer het nog een keer, en doe de laatste passen. Dat lukt. Vervolgens werk ik het begin uit... geen problemen! Eerste poging: het begin gaat makkelijk, ik kom aan op het gat, zet vol aan, en heb de rand prefect! Voet schuin in het gat, rechtervoet een beetje mee-compressen om een bandje, bijpakken, optikken, en de bak!! Zooo!! Na al die jaren! Toch ben ik niet heel blij, omdat ik maar voor één boulder kwam, en dat was Total Eclipse... Na een pauze probeer ik nog wat in The Maxx, maar besluit al snel weg te gaan. Ik hoop toch dat vandaag meer gaat worden dan een ‘balansdag’. Total Eclipse moet ik even vergeten, en lekker andere dingen gaan proberen. Als eerste rijd ik naar Gorge du Houx, om De la Terre à la Lune af te maken. Dat lukt gelukkig snel, met behulp van het verticale randje voor rechts, dat ik eerst niet gezien had... Een mooie boulder, maar niet de moeilijkste in z’n graad... Volgens de 7+8 begint de boulder links, en klim je naar rechts uit. Zo heb ik het altijd geprobeerd, en ook gedaan. Laatst las ik echter op de blog van Keith Bradbury dat de boulder begint met een sprongstart naar de grote zijgreep... Omdat het zo’n lekker weer is, het een mooie boulder is, en ik zin heb om veel te klimmen, doe ik dat ook nog. Qua waardering maakt het geen verschil, je maakt drie passen minder, maar moet een meer gecoördineerde sprong opvangen. De crux komt toch een paar passen later... Na een tweede lunch/chillsessie in de zon sjouw ik de helling weer op.
Het volgende doel is Saint-Germain. Ik wil daar Rencontre du Troisième Type proberen; een boeg die ik een aantal jaren geleden een keer geprobeerd heb, maar toen niet heb kunnen doen. Na wederom een flinke wandeling sta ik onder de boulder. Ik weet niet meer hoe het moet, maar kan me alleen nog een foto herinneren waarin een hak wordt geleged met links om door te trekken... Ik besluit dat dat ook mijn methode gaat worden. Ik probeer het tien, twintig, dertig keer, maar slechts twee keer zit m’n hak goed, en kan ik steady doortikken. Helaas die twee keer net niet ver genoeg... Thuis op internet zie ik dat er wellicht ook andere methodes mogelijk zijn... Helaas had ik daar op dat moment niet aan gedacht...Het greepje voor rechts begint m’n huid te irriteren, en als ik m’n middelvinger nader inspecteer zie ik dat ik nog huid heb voor hooguit twee pogingen! Hmm, twee pogingen schieten, of eerst even kijken in Starting Bloc, een andere 7c, twintig meter verderop... Ik besluit het tweede te gaan doen, en kan altijd later nog terugkomen. Als snel werd duidelijk dat terugkomen geen optie was, want al in m’n eerste poging in Starting Bloc heb ik een bloedend topje... Ik blijf echter doorklimmen, en probeer het dicht te stoppen met magnesium. Uiteindelijk weet ik de boulder bijna te klimmen, maar ik ben op... Niet alleen m’n huid, maar m’n hele lichaam heeft herstel en nieuwe energie nodig... Ik vind het mooi geweest, en hoef morgen ook niet meer perse te klimmen...
Ondanks de deceptie in Total Eclipse was het weer een topdag. Ook teleurstellingen zijn onderdeel van het klimmen, en maken beklimmingen daardoor juist waardevoller. En bovendien, het bos is zo mooi, en er zijn zoveel andere mooie boulders, dus echt lang balen is er nooit bij in Bleau... Het zorgt er alleen maar voor dat je motivatie houdt, en dat je nog sterker, en gemotiveerder terugkomt!
Zaterdagmiddag rijd ik terug naar huis. Bij een tankstation in de buurt van Lille word ik aangesproken door een jongen die onderweg is naar Brussel, en een lift zoekt. Hij blijkt een kunstenaar te zijn, en hebben het over de dingen die betekenis hebben in ons leven. Er blijken veel overeenkomsten te bestaan tussen kunst en klimmen; we genieten allebei op onze eigen manier van de vrijheid die we hebben... Maar dan rijd ik Nederland binnen...
Ik ben terug in de ‘echte’ wereld, weg uit ‘the magic life’ zoals Jacky Godoffe het ooit eens mooi verwoordde, en waar ik me volledig in kan vinden. Het leven in het bos heeft inderdaad een hoog ‘magic’ gehalte. De sfeer, de blokken, het bos, de lichtval door de bomen, het geluid van de pofbollen, de schreeuwen van vreugde, maar ook soms van frustratie... Bleau, à bientôt!
